Indien de klastitularis merkt dat een kind problemen heeft, kan zij/hij, met behulp van het gemotiveerd voorstel, een zorgvraag stellen. (vraaggestuurde werking)
Dit kan na een toets, na een MDO-bespreking, na observatie in de klas, ...
Deze zorgvragen worden op de planning van het zorgteam besproken.
De zorgleerkracht, die het kind gaat behandelen, werkt dan een plan uit om deze problemen zo vlug mogelijk te verhelpen.
Deze hulp gebeurt dan in of uit de klas.
De zorgleerkracht zal dan op regelmatige tijdstippen de vorderingen van het kind bespreken met de klastitularis.